Guus Kuijer: “Ik geloof niet in God, maar daar heb ik helemaal geen last van”.

Onlangs verscheen het vijfde – een na laatste – deel van de Bijbel voor ongelovigen. Geestelijk vader van deze alternatieve bijbelserie is Guus Kuijer die, evenals zijn beoogde publiek, niet in God gelooft.

Hoe ontstaat bij een ongelovig mens de behoefte om zich met Bijbelverhalen bezig te houden?
GK: „Ik vermoed dat het te maken heeft met mijn jeugd. Hoewel ik zeer streng christelijk werd opgevoed, viel ik al heel jong, op mijn tiende, van mijn geloof. Desondanks heb ik nooit een hekel gekregen aan Bijbelverhalen. Integendeel. In mijn jaren op de protestants-christelijke school luisterde ik geboeid hoe juffen en meesters hun eigen draai gaven aan de verhalen uit de Bijbel en ze ieder op hun eigen manier spannend maakten. Die verhalen, en hoe ze werken, zijn me altijd bijgebleven. Ik heb ook nooit gedacht dat ik er afstand van moest nemen omdat ik niet meer geloofde. Ze zijn waardevol! Daarom voel ik ook de behoefte ze weer onder de ogen van mensen te brengen; omdat de Bijbel van literair belang is. Dat het de basis is van de Westerse literatuur. Het is jammer dat steeds minder mensen lijken te weten weten wie Abraham is bijvoorbeeld, of koning David”.

Afname van Bijbelkennis, ontkerkelijking. Is er iets wat ons mensen, in plaats van het geloof, nog zou kunnen binden?
GK:Dan denk ik meteen aan het humanisme. En tegenover het individualisme sta ik ook niet negatief. Daarover wordt vaak negatief gedacht, maar ik vind het juist een mooi idee te weten dat iedereen voor zichzelf denkt. Je zou trouwens kunnen zeggen dat het individualisme met Pinksteren is begonnen. Wist je dat? De Heilige Geest werd uitgestort, iedereen verstond Gods woord in zijn eigen taal en raakte daar door in vervoering. Het is een fantastisch bijbelverhaal. Met Goede Vrijdag en Pasen heb ik niet zoveel, maar het verhaal van Pinksteren; het is toch heerlijk om ergens volledig door bevangen te worden? Of je nu gelovig bent of niet!

U voegt aan uw titel ‚voor ongelovigen’ toe. Bij wijze van waarschuwing voor gelovigen?
GK: „Het is niet mijn bedoeling de spot te drijven met mensen die geloven. Ik ben niet tégen het geloof. Ik noem mijzelf dan ook liever geen atheïst, dat vind ik zo’n agressief woord. Nee, ik geloof niet in God en ik geloof niet dat er een bedoeling is. Maar daar heb ik helemaal geen last van.

Mochten mijn boeken gelovigen kwetsen, dan weten ze door de titel van tevoren dat het niet voor hen bedoeld is. Koop het maar niet en lees het maar niet, denk ik dan. Maar tot mijn grote verbazing zijn er ook veel gelovige mensen die juist blij zijn met deze bijbels. Blijkbaar worden ze toch door bepaalde angsten verlost. Het lijkt er op dat hoe meer je de Bijbel bestudeert, op mijn manier of een andere, hoe meer je je realiseert dat er veel wijsheid in staat, maar ook veel onwijsheid. Dat maakt het zo’n menselijk en sympathiek boek”.

Nog geen reacties.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *